Naar Index Landelijke Vergadering

Landelijke Vergadering NGK Doorn 1998

Besluit over contacten met andere kerken

 

(zie ook Samenstelling Commissie)

Besluit met betrekking tot de contacten met CGK en GKV,

vastgesteld op 27 juni 1998

Besluit inzake contacten met de Christelijke Gereformeerde Kerken

De Landelijke Vergadering heeft kennis genomen van het rapport van de Commissie voor Contact en Samenspreking over de contacten met de Christelijke Gereformeerde Kerken. Bij de bespreking was ook de brief van de Generale Synode van Zierikzee 1995 ter tafel, gedateerd 7 februari 1996, met als bijlage de besluiten terzake van diezelfde Synode. Ter vergadering werd ook de toespraak van ds. J. Westerink gehoord, die als voorzitter van Deputaten Eenheid Gereformeerde belijders sprak.

  1. Overwegingen

1. Een en ander stemde de vergadering niet hoopvol. Met name de aankondiging van ds. Westerink, dat Deputaten zullen voorstellen de contacten te beëindigen, viel erg zwaar. De Nederlands Gereformeerde Kerken die contact hebben met een Christelijke Gereformeerde Kerk ter plaatse, of daarmee zelfs gefedereerd zijn, ervaren deze samenwerking niet als vrijblijvend of tijdelijk, maar zien er een van God gegeven eenheid in.

2. De vergadering heeft kennis genomen van de oproep van CGK-zijde om duidelijk positie te kiezen voor trouw aan Gods Woord volgens de gereformeerde belijdenis.
De vergadering hecht eraan in dezen tot uitdrukking te brengen dat de NGK onvoorwaardelijk trouw willen zijn aan Gods Woord en de gereformeerde belijdenisgeschriften willen blijven aanvaarden als een getrouwe weergave daarvan.
Vooralsnog ziet de LV de noodzaak niet om daartoe opnieuw wijzigingen aan te brengen in het A.K.S.

3. De vergadering betreurt het, dat de Synode niet inging op het klemmend appèl dat de vorige LV deed uitgaan, om uit te spreken dat de verschillen op het punt van de toe-eigening des heils vallen binnen het raam van de gereformeerde belijdenis en daarom niet kerkscheidend mogen zijn. Ook het omgekeerde is niet uitgesproken, en zodoende dreigt deze bespreking van jaren een afronding te missen.

  1. Op basis van deze overwegingen spreekt de vergadering uit:

1. dat de Nederlands Gereformeerde Kerken, zoals ook uitgedrukt in de Preambule van het A.K.S., haar eenheid en de grond voor haar samengaan vinden in het belijden van de Waarheid van de Heilige Schrift, zoals in de drie Formulieren van Enigheid is uitgedrukt, en dat zij op deze basis aanspreekbaar zijn,

2. dat de vergadering instemt met wat de Commissie hierover schreef in de ‘Aanzet tot gesprek’ (juni ’96),

3. dat de eenheid met de Christelijke Gereformeerde Kerken in het gemeenschappelijk belijden vraagt om een uitdrukking daarvan in meer kerkelijke eenheid,

4. dat alles gedaan moet worden om de plaatselijke toenadering en samenwerking te bevorderen,

5. dat enige vorm van landelijk contact daarbij zeer wenselijk is,

6. dat de Nederlands Gereformeerde Kerken, indien de Generale Synode onverhoopt zou besluiten de gesprekken gericht op kerkelijke eenheid te beëindigen, hierin tegen haar wil en met verdriet berusten,

7. dat zij de Christelijke Gereformeerde Kerken in dat geval uitnodigen tot overleg over een andere vorm van contact, niet primair gericht op landelijke eenheid, maar op de vraag in hoeverre we elkaar, binnen de bestaande situatie van de verschillende kerkverbanden, kunnen helpen op basis van de verbondenheid als gemeenten van Christus.

  1. De vergadering draagt aan het moderamen op om per brief aan de eerstvolgende Generale Synode van de Christelijke Gereformeerde Kerken

1. te verzoeken om zich er alsnog over uit te spreken of de verschillen op het punt van de toe-eigening des heils vallen binnen het raam van de gereformeerde belijdenis en of ze kerkscheidend mogen zijn,

2. erop aan te dringen, dat de contacten van samensprekende, samenwerkende en gefedereerde gemeenten niet belemmerd worden maar erkend blijven, en dat ook voor de toekomst er ruimte zal zijn voor wat de Koning der kerk in dit opzicht nog geven wil,

3. aan te dringen op kerkelijk contact op landelijk vlak, dat hier ondersteuning aan biedt, om te voorkomen dat de ontwikkelingen landelijk en plaatselijk te ver uiteen gaan lopen,

4. voor te stellen om, indien de Generale Synode onverhoopt zou besluiten de gesprekken gericht op kerkelijke eenheid te beëindigen, te komen tot een overleg als bedoeld onder B7.

  1. De vergadering draagt de commissie op

1. de verzoeken van de Landelijke Vergadering op de Generale Synode ook mondeling te verwoorden,

2. de relevante besluiten van deze Landelijke Vergadering aan Deputaten toe te lichten en desgewenst daarover te spreken,

3. na de Generale Synode naar bevind van zaken te handelen in de lijn van de uitspraken B 1-7.

4. de plaatselijke kerken op hun verzoek te adviseren en te ondersteunen bij het realiseren resp. uitbouwen van samenwerking op plaatselijk niveau,

5. de reeds volledig gefedereerde gemeenten desgevraagd te dienen met advies.


Besluit inzake contacten met de Gereformeerde Kerken (Vrijgemaakt)

De Landelijke Vergadering heeft kennis genomen van het rapport van de Commissie voor Contact en Samenspreking over de contacten met de Gereformeerde Kerken (Vrijgemaakt). Bij de bespreking was ook de brief van de Generale Synode van Berkel en Rodenrijs 1995 ter tafel, gedateerd 15 november 1996, met als bijlage de besluiten terzake van diezelfde Synode. Ter vergadering werd ook de toespraak van ds. A.N. Hendriks gehoord, die als voorzitter van Deputaten Kerkelijke Eenheid sprak.

A. Overwegingen

1. De contacten met de Gereformeerde Kerken (Vrijgemaakt) zijn nog maar van korte duur geweest. De gesprekken waren open en eerlijk, zij het dat de verschillen meer aandacht kregen dan de overeenkomsten. Met name de conclusie die van Vrijgemaakte zijde werd getrokken, namelijk: "Over de vraag hoe u en wij kerk van de Here Jezus menen te moeten zijn, verschillen wij te zeer", vindt de vergadering te voorbarig.

2. De vergadering heeft kennis genomen van de oproep van GKV-zijde om duidelijk positie te kiezen voor trouw aan Gods Woord volgens de gereformeerde belijdenis.
De vergadering hecht eraan in dezen tot uitdrukking te brengen dat de NGK onvoorwaardelijk trouw willen zijn aan Gods Woord en de gereformeerde belijdenisgeschriften willen blijven aanvaarden als een getrouwe weergave daarvan.
Vooralsnog ziet de LV de noodzaak niet om daartoe opnieuw wijzigingen aan te brengen in het A.K.S.

B. Op basis van deze overwegingen spreekt de vergadering uit:

1. dat de Nederlands Gereformeerde Kerken, zoals ook uitgedrukt in de Preambule van het A.K.S., haar eenheid en de grond voor haar samengaan vinden in het belijden van de Waarheid van de Heilige Schrift, zoals in de drie Formulieren van Enigheid is uitgedrukt, en dat zij op deze basis aanspreekbaar zijn,

2. dat de vergadering instemt met wat de Commissie hierover schreef in de notitie ‘Het gezag en de hantering van de belijdenisgeschriften’ van april 1995,

3. dat de eenheid met de Gereformeerde Kerken (Vrijgemaakt) in het gemeenschappelijk belijden vraagt om een uitdrukking daarvan in meer kerkelijke eenheid,

4. dat de samenspreking die op plaatselijk vlak hier en daar begonnen is, daarom zeer valt toe te juichen,

5. dat enige vorm van landelijk contact daarbij zeer wenselijk is,

6. dat de pas begonnen gesprekken te snel zijn beëindigd met de conclusie van Gereformeerd Vrijgemaakte zijde dat er geen ruimte zou zijn voor gesprekken die gericht zijn op kerkelijke eenheid en dat voortzetting dus wenselijk is,

7. dat de NGK de Gereformeerde Kerken (Vrijgemaakt) daarnaast uitnodigen tot overleg over een andere vorm van contact, niet primair gericht op landelijke eenheid, maar op de vraag in hoeverre we elkaar, binnen de bestaande situatie van de verschillende kerkverbanden, kunnen helpen op basis van de verbondenheid als gemeenten van Christus.

C. De vergadering draagt aan het moderamen op om per brief aan de eerstvolgende Generale Synode van Gereformeerde Kerken (Vrijgemaakt)

1. erop aan te dringen, dat de ontluikende contacten van plaatselijke kerken niet belemmerd maar erkend worden, en dat ook voor de toekomst er ruimte zal zijn voor wat de Koning der kerk in dit opzicht nog geven wil,

2. met name aan te dringen op heroverweging van de regeling voor plaatselijke contacten, die kanselruil en gezamenlijke avondmaalsviering slechts mogelijk maakt voor kerken waarmee landelijk samenspreking plaatsvindt,

3. voor te stellen om, indien de Generale Synode voor samenspreking gericht op kerkelijke eenheid nog geen ruimte ziet, te komen tot een overleg als bedoeld onder B7.

D. De vergadering draagt de commissie op

1. de verzoeken van de Landelijke Vergadering op de Generale Synode zo mogelijk ook mondeling te verwoorden,

2. de relevante besluiten van deze Landelijke Vergadering aan Deputaten toe te lichten en desgewenst daarover te spreken,

3. na de Generale Synode naar bevind van zaken te handelen in de lijn van de uitspraken B 1-7,

4. de plaatselijke kerken op hun verzoek te adviseren en te ondersteunen bij het realiseren resp. uitbouwen van samenwerking op plaatselijk niveau.


Naar NGK home-page

Naar Index Landelijke Vergadering


Deze pagina wordt gepubliceerd door het moderamen van de Landelijke Vergadering Doorn 1998
Laatst gewijzigd op 07-06-99.